Ik heb het al eerder geschreven: ouder worden zuigt. Niet een beetje, maar op zoveel vlakken tegelijk dat je soms niet eens meer weet waar het begon. Je lijf sputtert tegen, je geheugen laat steekjes vallen, en de huisarts zwaait elk ongemak routinematig af met de diagnose: “Tja, leeftijd”. Je leert ermee leven. Een beetje. Met tegenzin.
Maar de laatste tijd is het iets anders wat me naar de keel grijpt. Iets wat veel dieper zit. Iets waar ik nooit echt op voorbereid was, ook al wist ik dat het onvermijdelijk was en er ooit aan zat te komen.
Mijn oudste kind gaat het huis uit.
Het is prachtig, natuurlijk. En zoals het hoort. Je voedt ze op, geeft ze alles wat je kunt, en uiteindelijk worden ze zelfstandig. Je bent trots, en dat mag ook best. Maar tegelijkertijd voelt het alsof iemand een stuk uit mijn borst snijdt. Mijn keel dichtknijpt. De plek aan tafel is leeg. Het bed boven blijft onbeslapen. Het huis klinkt leeg zonder die eeuwige Spotify playlist die door het plafond heen dwarrelt. Het huis voelt anders. Stiller. Kouder. Onlangs las ik nog een artikel in de krant dat kinderen steeds langer in het ouderlijk huis blijven wonen, want woning schaarste. En stiekem hoopte ik daar een beetje op. Dat ze zo lang zouden blijven dat ze uiteindelijk voor mij zouden zorgen.
Maar ja… Wishful thinking.
En toen drong het tot me door: dit is het. Dit is hoe het begint. Niet met één groot afscheid, maar met vele kleintjes. Eerst je kind dat op zichzelf gaat wonen. Straks misschien de tweede. En op een dag ben je echt alleen. Ouder worden is niet alleen jezelf achteruit zien gaan. Het is langzaam iedereen kwijtraken die je lief is.
Mijn ouders zijn er niet meer. Eén van mijn broers ook niet. Een paar goede vrienden zijn me inmiddels ontvallen. En hoewel ik dacht dat ik daar al een soort pantser voor had gekweekt, is het vertrek van mijn kind iets anders. Dit is geen rouw, dit is leegte. Niet door de dood, maar door het leven zelf. En dat doet misschien nog wel meer pijn, omdat je je verdriet niet kunt uitspreken zonder dat het ondankbaar klinkt.
Iedereen om me heen zegt dat ik blij moet zijn dat ze het zo goed doen. En dat ben ik ook. Maar blij en gebroken kunnen blijkbaar prima naast elkaar bestaan. En niemand had me daar op voorbereid, toen ik voor het eerst dat kleine warme bundeltje in m’n armen hield. Dat je ze niet alleen zou moeten loslaten, maar dat dat loslaten uiteindelijk je hele leven zou gaan beheersen.
Want dat is het grootste geheim van ouder worden: het is een aaneenschakeling van afscheid. Soms met bloemen en kaarten. Soms op een parkeerplaats wanneer je elkaar voor de laatste keer gedag zegt. En soms met een traan en een verhuisdoos in je armen.
Ouder worden is het besef dat liefde nooit ophoudt, maar aanwezigheid wel. En dat maakt het zwaar. Zwaarder dan ik had verwacht. Dus ja, ouder worden zuigt – steeds meer. Niet alleen om wat je verliest aan jezelf. Maar vooral om wie je allemaal stukje bij beetje moet loslaten.
– Cliff


